Terugkoppeling bij de coronastorm

Vught, 7 juli 2020

Geachte heer Ten Bos,

Financieel is het hachelijk, uw boekje kopen. Lang voordat de waanzin-pandemie tot de krantenkoppen doordrong, waren ze in Den Haag en omstreken al zo wijs de fiscale regels rond zelfstandigen bij te stellen. (Ik ga het nu niet uitleggen, maar het zzp-probleem en al het gezeur daarover hebben we te danken aan het feit dat de Belastingdienst niet ingreep toen allerlei witteboorden-organisaties de toch al wel bijna overtollige managers outsourcete naar het zelfstandig ondernemerschap en vervolgens voor twee dagen in de week inhuurde om in hetzelfde kantoor hetzelfde werk niet te doen.) De eerste bijstelling – de aanpassing van de zogenaamde kleineondernemersregeling – kost een ‘kleine zelfstandige’ die niet alleen op papier bedrijfskosten maakt zo’n 2.000 euro netto per jaar. Theoretisch kan er dan geen R&D-budget meer overblijven…

Edoch, de ondertitel van uw boekje De Coronastorm, “hoe een virus ons verstand wegvaagde” bleef lonken en om de een of andere reden (typefoutje?) was RNA Viruses, Host gene responses to infections onder redactie van Decheng Yang bij Amazon voor 16 euro verkrijgbaar (inmiddels is de prijs bij Amazon aangepast) en met enkel het recente boekje van David Quammen in de bol.com-boodschappenmand werd de ‘geen verzendkosten’-grens niet bereikt, dus ik dacht, hup, dan ook maar eens zien waar ons verstand volgens René ten Bos is heengewaaid…

Ik heb uw boekje vannacht doorgenomen…

… “lezen” is een te groot woord, het is best mogelijk dat bijvoorbeeld Ernst Bloch die van 1885 tot 1977 geleefd schijnt te hebben en in dat leven zowel een carrière als theoloog als een bestaan als neomarxist heeft weten te proppen, zeer interessante zaken heeft geschreven, gezegd of gedacht over het begrip Hoop want een neomarxistische theoloog moet daar dubbele expertise in hebben, maar als ik zou willen weten wat iemand die deel III van Peter Jacksons Lord of the Rings-trilogie niet gezien kan hebben over hoop gedacht, gezegd of geschreven heeft, en dus niet weet dat Gandalf over dat onderwerp niet anders dan repetitief kon worden, dan zou ik uit eerbied voor Ernst Bloch een tekst van Ernst Bloch moeten lezen, of dan toch tenminste de wikepedia-pagina over hem moeten doornemen (volgens de Nederlandse internetencyclopedie was hij een atheïstische theoloog, volgens de Engelse een filosoof). Maar als de kernpassage in zijn boek over de Hoop de zin is die u op pagina 79 hertaald, dan neemt mijn lust daartoe allengs af. Voor Kierkegaard (over Angst) en Levinas (over Moraliteit) ligt het anders, want die heb ik hier vernederlandst in de kast staan en dan mogelijk deels gelezen of doorgenomen of doorgekeken, en het is niet onaardig om de regel- en bedilzucht die in deze tijd van ‘coronafascisme’ doorgaat voor moraliteit te oppositioneren met Levinas’ deconstructie van deontologie. Uw summiere oppositionering eindigt evenwel met dat ‘beroemd onderscheid’ tussen ‘andere’ (autre) en ‘andere andere’ (autrui), en dat slaat dood. Dat maakt continentale filosofen zo vermoeiend-onleesbaar: ze zetten soms vensters voor het denken open, of realiseren althans een verbluffend lichteffect, maar dat verruïneren ze dan door woordspelingsfetisjisme dat lezers die al dan niet de pointe van het lichteffect gevat hebben aanzet tot scholastistieke nawauwelarij.

Om mijn gedachten weer tot leven te wekken, sla ik hier nu de (Engelse versie van de) meditaties van Marcus Aurelius ongericht open en lees: “On death. Either dispersal, if we are atoms: or, if we are a unity, extinction or a change of home.” (Penguin Classics-editie, pagina 89) Ik claim niet dat Marcus Aurelius hier een diepzinnige gedachte uitdrukt, ik claim zelfs niet dat hij bij het schrijven van deze zin enige gedachte gehad heeft – kunnen atomen of eenheden denken? –, ik claim enkel dat de zin ook voor niet native speakers van het Engels die dan vast ook geen Latijn zullen kennen, leesbaar is.

Voor het geval mijn verstand nu aan het wegwaaien is: “Disputes with men, pertinaciously obstinate in their principles, are, of all others, the most irksome; except, perhaps, those with persons, entirely disingenuous, who really do not believe the opinions they defend, but engage in the controversy, from affectation, from a spirit of opposition, or from a desire of showing wit and ingenuity, superior to the rest of mankind.”(An enquiry concerning the principles of morals, section I, openingszin). Die had ik even nodig…

… maar het is mij niet duidelijk geworden vanuit welke richting wat in welke richting is weggewaaid noch of we ons daarover zorgen zouden moeten maken en waarom of waartoe. Het is mij zelfs niet duidelijk geworden voor wie of waartoe u de moeite hebt genomen uw corona-alfabet uit te pennen. U en ik weten dat de wetenschap, de filosofie en de cultuur in het algemeen te lijden heeft onder perverse prikkels, een afstompende publicatietraditie en (hierin moet ik u corrigeren) een chronisch overschot aan geld, maar ik sta mij niet toe te geloven of zelfs maar te hypothetiseren dat u uw boekje enkel geschreven hebt om ook een graantje mee te pikken uit de corona-ruif. Maar als het niet die onuitdenkbare drijfveer heeft gehad, welke dan? Als u Giorgio Agamben wilt bijvallen of een van de hielenlikkers van president Macron of president Trump wil tegenspreken dan is het schrijven van een corona-alfabet in de Nederlandse taal daarvoor niet het meest gerede middel. Als u erop wilt wijzen dat er een keerzijde zat aan dat Japanse wonder, dan bent u daar twee decennia te laat mee terwijl Arjan van Witteloostuijn van de Universiteit van Amsterdam de plank natuurlijk volledig missloeg (de belangrijkste factor achter economische groei is inefficiëntie; als u de moeite zou nemen na te gaan wat de omvang is geweest van de investering in ‘the elimination of waste’, dan zou u meteen begrijpen waarom die bureaucratie ook onder het ‘neoliberalistische regiem’ is blijven groeien). Als u in het algemeen wilt afrekenen met al die filosofen of soort van filosofen die de afgelopen maanden de kranten en inmiddels ook nog boeken hebben volgepend om het Grote Corona Gebeuren filosofisch of filosofisch-achtig te duiden, dan kan ik u zonder u een spiegel voor te houden gerust stellen: alles wat Marli Huijer, Frédéric Neyrat, Peter Sloterdijk en al die andere schrijvers die u kennelijk hebt doorgenomen, over het Grote Corona Gebeuren te berde hebben gebracht, heeft in de maatschappij geen pandemisch spoor achtergelaten. Een handjevol mensen die teksten gelezen (of doorgenomen), heeft geknikt toen werd verwoord wat men zelf al had bedacht, heeft het hoofd geschud toen langskwam wat de overbuurman vorige week op anderhalve meter afstand ook al had beweerd, en een enkeling zal in de pen zijn geklommen om via een ingezonden brief, een tegenpamflet voor de redactie van Boom, of – meer gepast – in een e-mail de auteur of autrice of autriX te confronteren. De bubbel waarin de verzetsoproep van Henk Oosterling wegzinkt, is verwaarloosbaar klein vergeleken met de golf die het commentaar van John Oliver heeft bij het aantal gevangenen met corona, en die golf is slechts een rimpeling bij de mogelijkheid dat Davina Michelle nu mogelijk heus doorbreekt op de internationale scene mits ze maar goed blijft luisteren naar haar manager, al hoeft Trump maar 1 keer een mondkapje te dragen en het water van de Nijl wijkt zover uiteen dat de contouren van Pangaea weer zichtbaar worden.

Voor zover er van al dat filosofisch-achtig geschrijf iets achterblijft bij nog niet verwaaide verstanden, dan is het een oneliner als “Deskundigen zijn mensen die hun onwetendheid beroepshalve dienen te verdoezelen”. Dat is op zichzelf wel een leuke titel van uw lemma Deskundigen (heeft u die zelf bedacht?) maar de acht pagina’s tekst die volgen komen daar niet meer bovenuit waardoor u er zeker van kunt zijn dat dat die oneliner ook het enige is dat bij de lezer van uw lemma zal blijven hangen. Daartegenover is de Intimiteit = de vaardigheid om samen te kunnen verglijden te cryptisch om in de geest te blijven hangen ook nadat er een verduidelijking is gegeven vanuit de cultuurvergelijkingen van Francois Jullien. Aan het einde van de hoofdstuk zou een lezer zich af kunnen vragen waartoe die cryptiek en esoteriek diende als u het punt wilde maken dat wreed is om mensen uiteen te drijven op momenten dat ze elkaar nodig denken te hebben.

Mocht u voor toekomstige teksten nog oneliners zoeken, ik doe er u een paar aan de hand:

  • Priesters zijn mensen die hun ongeloof beroepshalve dienen te verdoezelen.
  • Machthebbers zijn mensen die hun machteloosheid beroepshalve dienen te verdoezelen.
  • Schrijvers zijn mensen die hun leesarmoede beroepshalve dienen te verdoezelen.
  • Enzovoorts.

Iedereen streeft ernaar zichzelf voor de gek te houden en door anderen voor de gek gehouden te worden, en dat is het enige streven dat zich ook zonder zuchtende hoop laat realiseren.

Als ik zelf een poging zou doen te onderbouwen dat ons verstand tijdens het Grote Corona Gebeuren is weggewaaid, zou ik geneigd zijn een inventarisatie te geven van de quatsch die de afgelopen maanden over het fenomeen is uitgebraakt. Hoewel hier het geklets van premier Rutte en dat van Van Dissel dankbare objecten zouden zijn, zoomt u in op de complottheorietjes. Dat is een boeiend fenomeen in allerlei uitlopers. Ik betrap me er de laatste jaren op dat ik het abonnement op de televisiekanalen van KPN enkel aanhoudt om naar Ancient Aliens te kijken. Maar ik kan u ook hierin geruststellen. Corona-complotdenkers en organisatoren van corona-party’s vormen een onooglijke, bijna niet waar te nemen minderheid die enkel waargenomen wordt omdat krantenpagina’s en televisierubrieken gevuld moeten blijven worden in de ijdele hoop de leegheid van youtube te evenaren. Met uw redenering zou u ook weinig indruk maken, niet alleen niet op complotdenkers maar evenmin op niet-complotdenkers:

“Bovendien zien ze [bepaalde groepen complotdenkers, Dr. W.W.] af van elementaire kansberekening: de waarschijnlijkheid dat een virus zich op zoönotische wijze verspreidt, moet vele malen groter zijn dan de kans dat het via een laboratorium verspreid wordt, om de simpele reden dat op die vleesmarkten in Wuhan veel meer mensen rondlopen dan in een laboratorium aldaar.” (p. 177)

Misschien, heel misschien, kunt u uitspraken over wat in de waarschijnlijkheidsleer simpele redenen zijn beter overlaten aan deskundigen die hun onwetendheid ter zake beter weten te verdoezelen dan u als welwillende amateur zou kunnen doen.

Nee, met alle respect voor uw denk- en weetpotentie, uw boekje over de coronastorm draagt niet bij aan het luwen van de storm. Behalve wat biografische ditjes en datjes over Ernst Bloch en Cato Maior bevat het boek geen informatie over het fenomeen dat op tafel ligt. Het blijft zelfs onduidelijk welk fenomeen op tafel ligt (corona, de corona-regels, het geleuter of corona, het maatschappelijk effect van corona?). Als een boek geen informatie bevat, kan het enkel bijdragen aan de redelijkheid doordat een min of meer a priori analyse van een concept wordt uitgevoerd, maar daarvan is evenmin sprake. Uw boek is, minder respectvol geformuleerd, een ‘niksertje’.

Gegeven u denk- en kennisniveau zou u beter moeten kunnen. Het laat zich echter betwijfelen dat de mensen die nu in de coronastorm verkeren daadwerkelijk behoefte hebben aan een tekst die het niveau van een columnistieke krabbel overstijgt. De meeste mensen geven, ook in deze coronatijd, de voorkeur aan licht vermaak boven het vermoeiend-sceptisch uitdiepen van onwetendheid.

Eén troost resteert mij: de btw die ik over uw boek heb betaald, is aftrekbaar gebleven van de btw die ik af moet dragen.

Met vriendelijke groet,

Dr. W.W.